Ik kijk naar een kinderfoto van mezelf. Op die foto weet ik nog niet wie ik allemaal ga worden. Ik weet nog niet dat ik me later groot ga houden. Dat ik ga presteren, pleasen, trekken, dragen, volhouden. Dat ik zo goed ga worden in sterk lijken, dat ik zelf bijna vergeet hoe ik me eigenlijk voel. Wie ben je zonder je rollen? Op die foto is dat nog geen vraag.
Op die foto hoef ik nog niets. Ik hoef niet mooi te zijn. Niet slank en sexy, niet succesvol, niet slim of beheerst. Niet lief en zorgzaam. Niet de sterke vrouw in de kamer. En dat raakt me.
Wie blijft er over als de rollen wegvallen?
Eens in de zoveel tijd zit er iemand tegenover me die wil weten wie hij nu echt is. Niet als ondernemer of bestuurder, niet als vader, moeder of partner. Hij of zij wil weten wie er overblijft als al die rollen wegvallen.
Ik begrijp dat verlangen. Het idee dat er ergens diep vanbinnen een echte versie van jezelf zit die wacht om ontdekt te worden, is aantrekkelijk. Het geeft rust. Het suggereert dat je alleen nog even hoeft af te pellen wat niet bij je hoort.
Toch geloof ik daar steeds minder in. Als ik terugkijk op mijn eigen leven, zie ik niet één vaste Jessica die al die jaren onveranderd aanwezig is. Ik zie een meisje, een studente, een vrouw in een rolstoel, een jurist, een politica, een moeder, een grote flirt, een ondernemer en een mentor. Elke fase brengt iets nieuws naar boven en vraagt iets anders van me. Welke van die vrouwen is dan de echte?
Hoe vind je uit wie je bent?
Ik denk inmiddels dat de vraag wie de echte is minder interessant is dan we denken. Je vindt het niet door eindeloos af te pellen. Veel belangrijker is de vraag waar je elke keer op leunt wanneer het leven even niet meewerkt. Op zulke momenten ontdek je misschien wie je bent. Je ontdekt vooral waar je op gebouwd hebt. Daar zit het antwoord, eerder dan in welke persoonlijkheidstest, functieomschrijving of titel dan ook.
Wie ben ik zonder mijn werk?
Ik ontmoet regelmatig leiders die indrukwekkende verantwoordelijkheden dragen. Mensen met invloed, ervaring en succes. Van buiten lijkt er weinig aan de hand. Tot een reorganisatie, een conflict of een flinke tegenslag zichtbaar maakt hoeveel van hun zelfvertrouwen verbonden is met hun positie, hun prestaties of de waardering van anderen.
Dat is geen karakterfout. Dat is menselijk. Maar het maakt je ook kwetsbaar. Want succes is nooit permanent. Mensen zullen je teleurstellen. Kritiek hoort bij een leven waarin je iets probeert te betekenen. Verlies en verandering melden zich vroeg of laat ook.
Dat noem ik KERNPOSITIE. Het fundament van waaruit je denkt, kiest en handelt. De plek die overeind blijft wanneer je succes even geen bewijs meer levert dat je ertoe doet. De plek waar je groter bent dan een tijdelijke positie, groter dan je ego en je persoonlijkheid.
Welke versie van jezelf mag met pensioen?
Welke versie van jezelf moet met pensioen voordat je eindelijk een beetje leuker wordt? Die vraag vind ik onaangenaam goed. Want de meeste groei begint met een oud verhaal wegsturen. Ik ben nu eenmaal iemand die alles alleen doet. Ik moet eerst zeker weten dat het werkt. Ik ben op mijn best onder druk. Ik moet sterk blijven en ik wil geen gedoe. Ik kan dat nu eenmaal niet. Ach ja.
Veel van die zinnen waren ooit nuttig, waarschijnlijk toen je kind was. Om je hoofd boven water te houden. Net zoals een kinderfiets met zijwieltjes ooit heel verstandig was. Maar op een gegeven moment rijd je er vooral belachelijk mee rond. Veel succesvolle mensen zitten vast omdat ze nog steeds loyaal zijn aan een versie van zichzelf die allang met pensioen had gemoeten.
Waarom dempen we wat we verlangen?
Ik vind het altijd interessant hoe we praten over verlangen. Zodra het ook maar een beetje groot wordt, gaan we dempen. Meer tijd met je gezin? ‘Ja hoor, maar we zien elkaar al best vaak en we zijn net met vakantie geweest.’ Meer geld? ‘Ach, we redden het prima en er zijn zoveel mensen die het met minder moeten doen.’ Promotie? ‘Hoeft niet per se. Ik heb al een heel leuke baan, hoor.’ Een huis in Zuid-Frankrijk? ‘Klinkt meteen zo decadent.’
Onzin. Veel ondernemers en leiders temperen hun verlangen om acceptabel te blijven voor anderen. Terwijl verlangen vaak precies laat zien waar je naartoe hoort te bewegen. Niet elk verlangen is ego. Soms is het gewoon informatie. Over vrijheid, over stijl van leven en over wat jij wilt bouwen voordat je doodgaat.
Geluk of voldaanheid?
Misschien moet je niet proberen gelukkiger te worden. Dat klinkt niet erg gezellig. We zijn behoorlijk goed geworden in onszelf een prettig leven bezorgen. Mooie reizen en goed eten. Een glas wijn na een rotdag. Even scrollen met je telefoon in je hand om nergens aan te hoeven denken.
En toch kun je ’s avonds in bed liggen met dat irritante gevoel. Was dit nou wel een goede dag? Heb ik dat gesprek gevoerd dat ik liever vermeed? Geluk wil zich nu goed voelen. Voldaanheid kan eerst iets van je vragen. Een moeilijk besluit, een grens of moed. Of juist eindelijk stoppen.
Wie was je voordat je leerde wat je moest zijn?
Over twintig jaar maakt het niet meer uit of je een designer maatpak droeg, die stomme fout maakte of promotie kreeg. Waar het om gaat, is hoe je hebt geleefd, geliefd en wat je anderen hebt doen voelen. Dus hou maar op indruk te maken op iedereen. Wees echt. Als je indruk op iemand wilt maken, maak dan maar indruk op jezelf.
Veel van wat we later worden, groeit uit verlangen. Maar ook uit aanpassing. Uit wat er van me verwacht wordt, of wat ik denk dat er verwacht wordt. Uit wat applaus oplevert. Uit de druk om te presteren. En ergens onderweg raak je dan iets kwijt. Je spontaniteit, je zachtheid, je lef. Jezelf.
Daarom vind ik dit zo’n ongemakkelijke en prachtige vraag. Wie was je voordat je leerde wat je moest zijn?
Herken je dit?
In de gratis weggever over emoties lees je hoe je voelt wat er onder al die rollen speelt en wat je daarmee doet.
In het jaartraject Succes zonder Roofbouw™ werken we een jaar lang aan het fundament van waaruit je denkt, kiest en handelt.