Mijn vader was dood.
Mijn stiefvader vond me een weerzinwekkend kind.
De kinderen op school voelden feilloos mijn behoeftigheid aan en gingen me pesten.
Zooooo verschrikkelijk graag wilde ik dat "ze" me aardig vonden.
Daarvoor wrong ik me in alle bochten.
Het lukte me niet.
Niemand vond me aardig .
Ik snakte ernaar.
Daarom werd ik heel "lief" en behulpzaam.
Daarom ging ik heel hoge cijfers op school halen.
Daarom kocht ik van mijn karige zakgeld snoepjes om op school uit te delen.
Het hielp niet .
Niets hielp om aardig te worden gevonden.
Ik was een slim kind en ontwikkelde strategieën.
Ik ontdekte dat een grote mond hebben en van me af meppen, wel eenzaam maakte maar effectief was.
En eenzaam was ik toch al.
De strategie van heel goed op school zijn, hield ik erin.
Als enige uit een klas van 52 kinderen ging ik naar het Gymnasium en daarna naar de Universiteit.
Ik ontdekte nog een goedwerkende strategie: ZIELIG zijn.
Ik deed net of ik doodging van de buikpijn, maakte mijn ouders radeloos en mijn prima blindedarm werd er uit gehaald.
Dat leverde weken aandacht op.
Zo improviseerde ik er op los.
Een ongeluk op de brommer leverde me een jaar lang aandacht in het ziekenhuis op.
Ik kon dat flink uitsmeren daarna, door nog pijn te hebben en mank te lopen.
Natuurlijk was ik me daarvan allemaal niet bewust.
Nu wel.
Als je je niet BEWUST wordt van je strategieën uit je jeugd, blijf je ze levenslang gebruiken.
Terwijl ze allang niet meer effectief zijn.
Integendeel.
Je hebt er alleen maar last van en ze saboteren je.
Ik help je je strategieën boven water te halen en te zien of je ze nog steeds wilt toepassen.
Want wat vroeger effectief was, hoeft dat nu niet meer te zijn.