Werk en carrière

Een vrouw is toch niet de baas

Mijn office manager Heleen werd stapelgek van een stel Franse lobbyisten uit de geneesmiddelen industrie.

Jessica Larive in een overdekte gang

Een maand lang belden ze elke dag, smeekten om een afspraak en stuurden kilo´s papier. Dag in, dag uit.

Ik had geen zin in ze, kende hun standpunt uit ten treure.

Maar Heleen was me dierbaar, dus vooruit met de geit.

Op een dinsdag in Straatsburg had ik na de stemmingen tijd voor ze vrijgemaakt.

Drie kwartier en geen minuut langer.

Om geen tijd te verliezen had ik met ze afgesproken in het restaurant van het Europees Parlement.

Kon ik meteen wat eten. Heleen regelde een tafel.

Toen ik rond 1430 kwam binnenrennen, – de stemmingen waren uitgelopen-, vond ik aan de gereserveerde tafel een rumoerig gezelschap van mannen met verhitte gezichten.

De wijn vloeide overvloedig.

Ik stelde me voor en ging zitten. Niemand sloeg acht op me. Ze vervolgden hun gesprekken en vulden hun glas.

Ook goed. Kon ik rustig eten.

Het nare gevoel in mijn buik drukte ik weg.

Ik was halverwege mijn salade toen mijn buurman zich minzaam naar me toe draaide.

"En mevrouwtje, werkt uw man in het Europees Parlement?"

Ik zag mijn kans schoon. Wraak.

"Nee," zei ik, "Mijn man werkt niet in het Europees Parlement, hij werkt bij de Permanente vertegenwoordiging."

Ik liet hem geen tijd om zijn mond open te doen en vervolgde met een gedetailleerd verhaal over de loopbaan van mijn echtgenoot.

Alleen de kleuterschool sloeg ik over.

De drie kwartier waren voorbij.

Ik stond op, groette vriendelijk in het rond met een wuif gebaar, gaf mijn buurman een hand en verdween zo snel ik kon naar mijn kantoor op de 9e etage.

Nu iemand vinden. Verdorie, alle deuren waren dicht.

Een eindje verderop zag ik een open deur. Van een Italiaanse collega.

Een jonge man zat te telefoneren achter het bureau.

Godzijdank, ik kende hem, Antonio ,een vriend van Heleen.

"Meteen meekomen asjeblieft" siste ik, "Ik heb je nodig."

De man beëindigde snel zijn gesprek en volgde me verbaasd naar mijn kantoor.

Ik sloot de deur.

Snel ging ik achter mijn bureau zitten en wees hem de stoel voor mijn bureau.

"Wij hebben een belangrijke vergadering, begrijp je. Ik leg het je later uit."

Hij knikte sprakeloos.

Net op tijd.

Daar waren ze. Driftig werd op de deur geklopt.

Ik stond op en deed open. Voilà. De roodwangige Franse delegatie.

"Madame, het spijt ons verschrikkelijk. Wij hadden niet begrepen dat u de geachte afgevaardigde was. O, wat spijt dat ons. Onze welgemeende excuses We willen u heel graag ons standpunt uitleggen."

Ik knikte en zei minzaam:" Heren ,u heeft drie kwartier van mijn tijd gekregen. U ziet dat ik nu in vergadering ben."

Ik wees op Antonio die rustig in zijn stoel zat.

"Als u ons nu wilt excuseren? We hebben een belangrijke en urgente vergadering."

"Maar geachte …"

Ik onderbrak hem. "Heren, u hebt uw kans gehad."

En pal voor hun verbaasde gezichten sloot ik de deur.

Heleen heeft nooit meer last van ze gehad.

Verder kijken

Nog twee perspectieven